dinsdag 18 maart 2014

Hoe telefoontjes uit Jeruzalem hielpen de Jordaanse regering overeind te houden


Gendarmerie staat opgesteld bij het bij het gebouw van het Jordaanse parlement voordat een zitting van het Lagerhuis begint. (Foto Jordan Times) 

De regering van Jordanië heeft dinsdag met gemak een motie van wantrouwen overleefd, die was ingediend naar aanleiding van de manier waarop Jordanië had geageerd op het doodschieten, maandag een week geleden, van de Palestijns-Jordaanse rechter Raed Zuayter net over de grens met Israel door Israelische soldaten. De dood van de rechter leidde tot een confrontatie tussen de twee landen en boze reacties. De Jordaanse minister van Buitenlandse Zaken Nasser Judeh ontbood de Israelische zaakgelastigde om een krachtig protest te laten horen en een onderzoek te eisen. Het Jordaanse parlement stemde vorige week woensdag unaniem  voor het uitwijzen van de Israelische ambassadeur en het opzeggen van het vredesverdrag uit 1994 en gaf de Jordaanse regering een week om op een adequate manier te reageren, zoniet dan zou er een motie van wantrouwen volgen. En afgelopen vrijdag was er een protestdemonstratie van  enkele duizenden mensen voor de Israelische ambassade in Amman.

Vandaag, dinsdag, kwam de motie van wantrouwen in stemming, uiteraard zonder dat het vredesverdrag was opgezegd of de ambassadeur was uitgewezen. En de gang van zaken die volgde geeft goed aan hoe de veiligheidsdiensten in Jordanië er steeds in slagen om manifestaties van ongenoegen als in dit geval in een vloek en een zucht te neutraliseren. Of dat gaat met behulp van dreigementen aan het adres van de geachte afgevaardigden, dan wel met beloftes voor infrastructurele of andere verbeteringen in hun kieskring, is niet duidelijk. Maar uiteindelijk stemden dinsdag slechts 30 afgevaardigden vóór de motie van wantrouwen en waren 81 anderen tegen. De krant Jordan Times gaf aan dat aan de stemming ''een week van lobbyen'' vooraf was gegaan.
Wat ook aan de stemming vooraf was gegaan, was dat premier Bibi Netanyahu vorige week meteen in een boodschap aan de Jordaanse regering zijn 'spijt' over de dood van de rechter had betuigd, zodra duidelijk was geworden dat het bij de man die bij de Karameh-grensovergang was doodgeschoten, niet zomaar ging om de zoveelste Palestijn. Israel zegde ook direct een gezamenlijk onderzoek met Jordanië naar de toedracht toe. Vervolgens bracht de Jordaanse koning Abdullah II zondag een breed in de Jordaanse pers uitgemeten condoleancebezoek aan de familie van Raed Zuayter. En daarna deed Israel er nog een schepje bovenop. The Jordan Times meldde dat het paleis van koning Abdullah liet weten dat Zijne Majesteit maandag telefoontjes had gekregen van zowel de Israelische president Shimon Peres als premier Benjamin Netanyahu waarin zij hun ''diepe spijt'' over het gebeurde uitspraken. Peres drukte zelfs ook medeleven uit met de familie van de rechter.
The Jordan Times citeerde analisten in Amman die zeiden dat de Israelische geste meewerkte om het gezicht te redden van de regering en de wind uit de zeilen te nemen van hen die voor de motie van  wantrouwen hadden willen stemmen. Ik moet zeggen: de Jordan Times kan moeilijk van hypocrisie worden beschuldigd. Maar dat ligt, wat mij betreft, toch anders voor ongeveer alle andere spelers in dit verhaal - van de Jordaanse koning, via de Jordaanse parlementsleden tot - vooral en met stip -  de heren Peres en Netanyahu. Bah, wat een misselijk stukje toneel. Nu alleen nog even afwachten welke draai Israel aan dat onderzoek gaat geven, nadat het in eerste instantie had gemeld dat ''de terrorist'' (de rechter)  ''Allahu akbar'' riep, probeerde een geweer te pakken, een soldaat aanviel met een ijzeren staaf en een soldaat had willen wurgen voordat hij - uit zelfverdediging uiteraard - door de militairen met drie schoten in de borst werd afgemaakt. Maar ach, daar zullen ze zich in Jeruzalem, al of niet in samenwerking met het Jordaanse hof, ook wel een truc op weten te vinden.

Geen opmerkingen: